In mijn vorige blog vertelde ik over mijn nieuwe jobverdeling (50% Marketing en 50% Roularta Advertising) en hoe mijn takenpakket eruitzag. Intussen zijn we enkele maanden verder, en begint alles steeds meer op zijn plaats te vallen. 

Mijn grootste mijlpaal bij Roularta Advertising van de voorbije periode is zonder twijfel de migratie van de regie naar Basedriver. Dat project is ondertussen succesvol afgerond, iets waar best veel werk en voorbereiding in gekropen is. Heel blij dat ik dit project, samen met Leonie, succesvol heb afgerond. Sinds oktober worden de dedicated mailings via Basedriver verstuurd, en sinds deze week lopen ook de enquêtes van Roularta Research via datzelfde platform. Daarnaast ben ik, naast mijn dagdagelijks werk, momenteel volop bezig met een nieuw project rond het werven van opt-ins voor Roularta Research. Het doel is om onze database niet alleen te laten groeien, maar ook relevant en up-to-date te houden.  

Ook binnen Marketing zijn er meerdere, interessante projecten lopende. Zo heb ik recent een enquête opgezet bij Trends en Trends-Tendances waarbij we polsen naar de algemene tevredenheid van onze abonnees. Met deze enquête willen we achterhalen welke aspecten van hun abonnement de abonnees beschouwen als waardevol en welke zaken er verbeterd kunnen worden. De inzichten die verzameld worden, geef ik door aan mijn collega’s zodat zij dit verder kunnen bekijken. Verder ben ik druk in de weer met een bende andere projecten zoals het optimaliseren van de paywallhitters-flow, het wijzigen en uitbreiden van de onboardingflow voor abonnees, de nieuwe editie van de Trends Beleggers Challenge en het opzetten van de campagnes omtrent strips in de Mijn Magazines-applicatie. 

Zoals jullie kunnen lezen, is het al druk geweest de afgelopen maanden. Wat de balans tussen Marketing en Regie betreft: die blijft voorlopig een werkpunt. De drukte aan beide kanten valt nog vaak samen, waardoor het soms zoeken blijft naar de juiste prioriteiten. Het is nog steeds een uitdagende, maar boeiende combinatie. En hoewel die balans nog niet helemaal op punt staat, heb ik er alle vertrouwen in dat dat met de tijd alleen maar beter wordt. Ik laat het jullie zeker weten in mijn volgende blog!  

“150 jaar na eerste telefoontje lijkt bellen op zijn retour: er gebeurt iets geks in hoofd van jongeren als ze moeten bellen” kopte vrt.be afgelopen week. Aanleiding was een bevraging door AXA Verzekeringen en Trendwolves bij 600 jongeren tussen 18 en 25 jaar over hun manier van communiceren. Bijna de helft van hen stuurt liever een mail of een bericht dan te moeten bellen.

Natuurlijk heeft de smartphone daar alles mee te maken. Hoe handig is het niet om een  whatsapp-groepje te maken als je een uitje plant? Een smsje te sturen om aan te geven dat je wat verlaat bent?  Of een vraag te stellen via Instagram of Snapchat? Je kan met één toestel mensen contacteren op de manier die jou het beste uitkomt, en iemand opbellen lijkt dan opeens iets ouderwets, niet meer van deze tijd. Toch denk ik dat de telefoon vastpakken (of net niet) ook wat met de ‘aard van het beestje’ te maken heeft. Niet weten wie de telefoon gaat opnemen, bang zijn om het verkeerde te zeggen of meteen moeten reageren op een vraag: voor veel mensen – en dan vooral jongeren die telefoneren niet gewoon zijn –  is het een uitdaging. Phone anxiety: het bestaat écht.

Omgekeerd vind ik het ook opvallend hoe moeilijk het geworden is om zélf nog iemand te bellen. Heb je een vraag over pakweg een elektronisch toestel, een vliegticket of je energiefactuur? Het antwoord luidt bijna altijd hetzelfde: download onze handige app, bekijk de FAQ of – nog frustrerender – zie pdf, pagina x. Alleen wie het volledige ‘druk toets x voor…’-menu doorloopt en daarna nog een tergend wachtmuziekje trotseert, krijgt uiteindelijk iemand aan de lijn. Ook in het professionele leven is er sinds een aantal jaren een grote shift aan de gang. Waar vroeger een telefoonnummer vanzelfsprekend was in een handtekening, merk je dat dat nu niet meer het geval is. Heel eerlijk? Ik vind dat raar…

Want toegegeven: er zijn zoveel goede redenen om voor een telefoongesprek te kiezen. Om te beginnen: het voordeel van de duidelijkheid. Veel miscommunicatie ontstaat juist omdat er nuances verloren gaan in e-mails of chats. Een bericht kan koud of onvriendelijk overkomen, terwijl dat helemaal niet de bedoeling was. Met een belletje – waar je toon en intonatie een belangrijke rol spelen –  haal je letterlijk de ruis weg. Een tweede voordeel is het persoonlijke aspect van een telefoongesprek. Een telefoontje naar een vriend of familielid wijst op meer verbondenheid dan een kort bericht. Idem in de werksfeer: iemand opbellen toont betrokkenheid en engagement, en bouwt ook vertrouwen op. Wanneer mensen elkaar horen spreken, ontstaat sneller een gevoel van samenwerking. En last but not least: telefoneren is het perfecte antidotum voor de voortdurende stroom aan berichten en notificaties die de hele dag door op je scherm oppoppen. Het is soms toch écht een verademing om weer even met iemand te kunnen praten?

Telefoneren ouderwets, niet meer van deze tijd? Nee hoor! Misschien moeten we ons gewoon veel vaker de vraag stellen: moet dit echt via tien berichten, of kan ik even bellen?

Terwijl buiten de eerste lentezon verschijnt, zit mijn hoofd vaak al twee seizoenen – of zelfs een jaar – verder. Dat hoort een beetje bij mijn werk. Als hoofdredacteur van Knipmode ben ik continu bezig met wat er nog moet komen: nieuwe collecties, nieuwe ideeën en nieuwe inspiratie voor onze lezers. Mijn achtergrond als modeontwerpster helpt daar enorm bij. Ik kijk nog steeds met de blik van een ontwerper naar mode: naar vormen, kleuren, stoffen en hoe alles samenkomt in een ontwerp. Die creatieve basis neem ik elke dag mee in mijn rol als hoofdredacteur.

Voor mij werkt een mediamerk eigenlijk net als een goed kledingmerk. Als het concept klopt en alles wat je maakt aansluit bij de visie, ontstaat er een sterke basis die je moeiteloos in elke tijdsgeest kunt plaatsen, zonder dat het merk zijn kracht verliest.

Wat veel mensen niet weten, is dat we bij Knipmode ver vooruit werken. Terwijl iedereen net zijn voorjaarsgarderobe uit de kast haalt, denken wij al na over modellen en collecties voor volgend jaar. Welke silhouetten voelen nieuw? Welke kleuren geven energie? Wat inspireert mensen om zelf achter de naaimachine te kruipen? En naast het creatieve gedeelte van mijn baan moeten de budgetten nu ook al opgesteld worden. Als de kosten voor onze edities van 2027 eenmaal zijn gemaakt, kunnen we de knoppen niet meer terugdraaien.

Dat vooruitdenken maakt het werk zo leuk. Mode is altijd in beweging, en wij bewegen mee. Samen met het team bouwen we aan sterke merken en zorgen we dat onze titels Naaipatronen.nl én Knipmode herkenbaar blijven voor iedereen die van maken, ontwerpen en creativiteit houdt. Voor mij zit daar de echte energie: ideeën zien ontstaan, ze samen verder ontwikkelen en uiteindelijk terugzien in een tijdschrift dat mensen inspireert.

En soms begint dat gewoon met een klein moment – een kleur die opvalt, een stof die je ziet, of een plots idee op een zonnige lentedag.

Het lijkt nog maar gisteren dat ik mijn eerste blog schreef over mijn start bij Roularta Local Media. Toch zijn we alweer een nieuw jaar verder en de eerste drie maanden van 2026 zijn voor we het weten voorbij. En wat een begin van het jaar was dat!

Het voorjaar stond meteen bol van projecten: we hebben de Auto Special gehad, Batibouw, RenovatieWeekend en heel wat lokale specials. Het was een drukke, maar ontzettend boeiende periode waarin ik weer veel ondernemers en hun verhalen heb mogen ontmoeten. Iedere editie brengt zijn eigen dynamiek en uitdagingen, en het blijft geweldig om te zien hoe onze media, van De Zondag tot De Krant van West-Vlaanderen en DZ OOH, impact hebben voor de klanten.

Toch merk ik dat ik nu al stiekem uitkijk naar Nieuwbouwzondag. Het event blijft voor mij bijzonder, omdat ik weet dat het écht werkt bij de klant en het bovendien een mooie terugkeer is naar waar het voor mij allemaal begon: de immosector. Nu al bezig zijn met de voorbereidingen en plannen geeft energie en inspiratie voor de rest van het jaar.

Het leven van een sales manager blijft dynamisch: veel kilometers, veel gesprekken en altijd een fles water binnen handbereik. Maar juist die variatie en de vele ontmoetingen maken dit werk zo boeiend. Geen dag is hetzelfde, en dat is precies wat ik eraan zo waardeer.

Naast het werk ben ik ook druk in de club, waar we momenteel volop het Belgische kampioenschap aan het voorbereiden zijn dat in mei 2027 plaatsvindt. Het is een enorme organisatie, maar ook een fantastische uitdaging waar ik veel energie uit haal. Het is mijn manier om de balans te vinden tussen werk, plezier en passie.

Kortom, het voorjaar van 2026 is druk, uitdagend en vol verhalen. Nieuwe projecten, nieuwe klanten en evenementen zoals Nieuwbouwzondag maken dat ik met veel goesting blijf uitkijken naar wat er nog op ons pad komt, zowel op de baan als bij de klant en daarbuiten.

Terwijl ik deze blog schrijf, is mijn vriendin hoogzwanger (38 weken om precies te zijn). In haar buik beweegt ons eerste kind al flink. Voor ons is het nu vooral wachten. Wachten tot hij — ja, het wordt een jongetje — geboren wordt en ons leven drastisch gaat veranderen.

Collega’s reageren verschillend op deze periode. Ik krijg dagelijks de vraag of hij er al is, of ik ernaar uitkijk en hoe spannend het moet zijn. Maar eerlijk gezegd kan ik daar nog weinig over zeggen. Voor mij is het nu vooral speculeren.

De dagen zijn rustig. De babykamer is klaar, de vluchttas (of geboortetas, volgens onze verloskundige) staat ingepakt en het huis is voorbereid om de baby te verwelkomen. Misschien is dit de stilte voor de storm. Ik zou het nog niet weten.

Ook op kantoor voelt het anders. Er wordt nog steeds hard gewerkt en projecten lopen gewoon door, maar voor mij voelt het alsof ik even niet vooruit kan. Mijn verlof kan namelijk ieder moment beginnen. Zodra mijn vriendin belt, ben ik weg. De zes weken daarna zijn voor mij, mijn vriendin en ons eerste kindje.

Daardoor sta ik nu op een plek waar je eigenlijk niet wil staan. Ik wil graag door, maar dat kan even niet. Ik kan geen beloftes doen, geen nieuwe afspraken maken en geen trajecten starten die tijd nodig hebben. En juist omdat ik niet weet wanneer het moment komt dat ik er niet meer ben, maakt dat het extra lastig.

Toch levert deze periode ook iets moois op.

Het maakt me duidelijk wie ik ben en wat er straks verandert. Natuurlijk privé — papa worden is een enorme levensverandering — maar ook op werk. Hoewel het vaderschapsverlof korter is dan dat van een moeder in spe, ga je er toch een tijd tussenuit. Tijdens het maken van mijn overdracht realiseer ik me ineens wat mijn rol eigenlijk is binnen het team.

En daardoor waardeer ik mijn werk misschien wel meer dan ooit. Wat ik doe, maar vooral ook met wie ik het doe.
Dus ja, ik word nu even noodgedwongen op mijn plek gezet. Maar die stilstand brengt ook iets anders: dankbaarheid.

En voor wie het wil weten:
onze zoon heet Sieb.

Loslaten, het hoort bij het leven en al helemaal als je kindjes hebt.

Volgende week is het dan zover: dan moeten we weer een stukje van dat loslaten oefenen. De oudste zoon vertrekt voor drie dagen op zeeklassen. Hoewel het maar in Oostduinkerke is, voelt het alsof hij aan de andere kant van de wereld zal zitten. Het is de eerste keer dat hij zo’n lange periode zonder ons ergens naar toe gaat. Er zijn heel wat leeftijdsgenootjes die al eens op kamp geweest zijn, maar dit is voor hem echt de allereerste keer.

Zal hij zich amuseren? Ongetwijfeld, want ze gaan zwemmen in een subtropisch zwembad en met een go-cart op het strand rijden. Zal hij alles weer mee naar huis nemen? Waarschijnlijk niet, want wie kwam er vroeger zelf niet thuis met een vreemde sok of de trui van een klasgenoot? Duizend-en-een vragen spoken door mijn hoofd, maar ik weet nu al dat de verhalen over een onvergetelijke tijd ons de vrijdagavond om de oren zullen vliegen.

Dat gevoel van ‘loslaten’ kwam twee jaar geleden ook terug op de werkvloer. We moesten van ons vertrouwde bureau verhuizen naar een andere locatie. Van een stille ruimte naar een plaats waar we met verschillende diensten zouden samen zitten. In het begin was het wat zoeken en moesten we loslaten hoe het was geweest, maar nu lijkt het alsof het nooit anders is geweest.

Eind vorig jaar volgde een ander soort afscheid. Een collega besloot om te stoppen met werken om te gaan genieten van het leven. Een welverdiende rust!

Maar het was niet zomaar een collega, het was een luisterend oor, iemand waarmee je plezier kon maken, iemand die er altijd voor je was. Het was opnieuw een beetje loslaten.

Zo is het leven een aaneenschakeling van dit soort momenten.
Eigenlijk is loslaten gewoon een beetje bang zijn voor het onbekende.

Al is loslaten geen afscheid nemen van wat was, maar ruimte maken voor wat komt. Of het nu gaat om een lege stoel op kantoor of een rugzak die vertrekt naar zee: in de leegte die ontstaat, groeit altijd iets nieuws.

Voor het eerst ooit werden de Roularta Editorial Awards uitgereikt. Een initiatief om alle schrijvende en ontwerpende pennen van de Roularta-redacties in België samen te brengen. Eindeloze kuddo’s aan de persoon, die met het idee kwam om het vele talent van onze journalisten binnenshuis eens in de kijker te zetten. Over twaalf categorieën heen werden verschillende mensen gelauwerd voor hun artikels, reportages, dossiers, video’s, podcasts, ontwerpen en ga zo maar door. De award in kwestie was een prachtige tekening van een vulpen als een pauw, want – zoals Brihang ooit zong – zijn er nu veel meer ogen die kijken naar onze pen.

Deze eerste Roularta Editorial Awards zullen mij vooral bijblijven als een heel inspirerend moment, waar ik kon kennismaken met andere redacties. We hoorden over grensverleggende reportages in de gevangenis door Le Vif, onderzoeken naar welzijn bij de burgemeesters door De Krant van West-Vlaanderen en baanbrekende opiniestukken, waar politici op de vingers getikt worden door Knack. Maar ook de beste podcast van Libelle naar aanleiding van hun 80-jarg bestaan en acties, zoals de Beleggerschallenge van Trends werden gehuldigd. Content in alle vormen, kleuren en media kwamen aan bod. Het bewijst dat onze redacties veel in hun mars hebben en dat we in staat zijn tot nog veel grotere dingen als we onze krachten bundelen.

Zelf mocht ik ook een award mee naar huis nemen, die van Beste Social. Het afgelopen jaar zette KW grote stappen op vlak van videocontent. Eén van de video’s, die meer dan een half miljoen views haalde op sociale media, was die van mijn bezoek bij imker Charly Derycke in Poperinge. Hij stond deze zomer meer dan 300 uur op wacht bij zijn bijenkasten om ze te beschermen tegen Aziatische hoornaars. Gewapend met zijn elektrische raketjes doodde hij meer dan 1.000 van die gevaarlijke exoten. Het succes van de video toont ons dat we het niet altijd zo ver moeten zoeken. Gewoon het leven, zoals het is, kan erg boeiend zijn. Een greep uit het dagelijkse leven, waar mensen een weerspiegeling in zien van zichzelf.

Deze uitreiking onderstreept de vele sterktes van het brede merkenaanbod van Roularta. Collega Mieke Verhelle verzamelde de werken van alle genomineerden en gelauwerden. Zo hebben we een hele nieuwe portie leesvoer en ik kijk er naar uit om dingen op te steken van mijn collega’s. De uitreiking prikkelde mijn zin om nog meer verborgen onderwerpen te zoeken en mooie verhalen in the spotlight te zetten. Het kriebelde om nog ambitieuzer uit de hoek te komen en dit jaar nog zotter te durven dromen. Ik kijk uit naar wat 2026 onze redacties zal brengen, welke grenzen we nu zullen opengooien, taboes doorbreken. Daar herinnert de vulpenpauw aan de muur mij nu iedere dag aan.

Aan het einde van het jaar was ik te gast in een podcast. De interviewer vroeg me om kritisch naar zijn podcast te kijken: hoe kon hij het format verbeteren — en daarmee ook de ervaring voor zijn luisteraars en klanten?

Tijdens dat gesprek begon ik zelf weer eens goed na te denken. Want de essentie van een goed verhaal zit niet zozeer in het makerschap, maar in het vermogen om goed te luisteren. En ik weet niet of je het doorhebt, maar: heel veel mensen luisteren dus niet.

Toen ik nog als radio-dj bij de landelijke radio werkte, vroeg ik me vaak af waarom mensen niet reageerden als ik een oproep deed, bijvoorbeeld voor een prijsvraag. Terwijl ik zeker wist dat er mensen naar de radio luisterden. Totdat een collega me wees op een onderzoek waaruit bleek dat veel mensen de radio wel aan hebben staan, maar eigenlijk niet luisteren. Dat vond ik zó vreemd. Want waarom zet je iets bewust aan als je er vervolgens geen aandacht voor hebt?

Later, in gesprekken met verschillende mensen, ben ik daar actief op gaan letten. Wat me steeds vaker opviel: mensen luisteren niet echt naar wat je zegt. Ze horen de woorden wel — hun oren doen het prima — maar luisteren…? Dat is iets anders.

Wat je vaak ziet, is dat mensen vrij snel het gesprek naar zichzelf toe trekken. Jij vertelt iets, en vrijwel direct volgt: “Nou, ik had laatst precies hetzelfde…” of “Dat hoorde ik mijn moeder ook zeggen…” Wat hier zo kenmerkend aan is, is dat het woord ‘ik’ meteen de boventoon voert. Terwijl bij écht goed luisteren dat woord vrijwel volledig ontbreekt.

Goed luisteren betekent namelijk een paar dingen:

1. Je bent oprecht geïnteresseerd in het verhaal van de persoon tegenover je.
2. Je stelt vragen die verdiepen of verhelderen, in plaats van het gesprek over te nemen.
3. Het gaat nu even niet om jou. Jij komt later wel weer aan de beurt.

Wat je hiermee bereikt, is meer dan je denkt. Je bouwt een diepere connectie op, de relatie wordt sterker en je geeft de ander het gevoel dat jij te vertrouwen bent.

Voor mij werd deze les prachtig samengevat in de serie Ted Lasso. In een scène tijdens een potje darten wordt Ted onderschat door zijn tegenstander — hij is tenslotte een Amerikaan, dus hij zal wel niks weten van darten. Dan vertelt Ted een kort verhaal en sluit af met een zin die mij altijd is bijgebleven:

“Be curious, not judgmental.”

Nieuwsgierigheid begint bij luisteren. De scène kun je hier bekijken: https://www.youtube.com/watch?v=CDRXv80F3U

De feestdagen zijn voorbij en het nieuwe jaar is begonnen. Even vrij zijn van werk vind ik altijd fijn, maar het hoeft van mij niet te lang te duren. Ik ben vrij ongeduldig en lange kerstdiners of vakanties die vooral uit verplichtingen bestaan, zijn niet helemaal mijn ding. En toch kijk ik er, nu alles achter de rug is, met een glimlach op terug. Misschien komt dat ook doordat ik dit schrijf onder een dekentje op de bank, met mijn hond tegen me aan en een dikke laag sneeuw buiten.

In mijn vorige blog vertelde ik over de afwisseling in mijn werk bij Roularta. Als ik nu naar mijn agenda voor deze maand kijk, zie ik dat meteen weer terug. Ik ga nieuwe mensen ontmoeten op het gebied van partnerships, maar er is ook ruimte om te leren en te verdiepen. De volledige Knipmode-collectie voor alle twaalf de edities van 2026 is inmiddels ontworpen en wordt nu verder uitgezet door het team. Dat geeft mij ruimte om even uit de ontwerpstand te stappen en mijn nieuwsgierigheid op andere vlakken te volgen.

Eind deze maand staat er een tweedaagse training Lead & Ondernemerschap op de planning. Dat moment deed me beseffen hoe vanzelfsprekend leren bij Roularta eigenlijk is geworden in mijn dagelijkse werk. Het zit niet in vaste stappenplannen of vooraf bepaalde leerdoelen, maar juist in het vertrouwen om te mogen doen. Door te proberen, keuzes te maken en verantwoordelijkheid te nemen, leer je hier misschien wel het meest.

In mijn rol als hoofdredacteur ervaar ik dagelijks hoe vertrouwen zich vertaalt naar vrijheid. Vrijheid om beslissingen te nemen, om dingen anders aan te pakken en om te experimenteren. Niet alles werkt meteen zoals je het vooraf had bedacht, en dat kan soms best spannend zijn. Tegelijkertijd is er altijd ruimte om te kijken wat je ervan leert, in plaats van alleen te focussen op het eindresultaat. Die leermomenten zitten vaak in kleine dingen. Een gesprek met een collega uit een ander team, samen sparren over een strategische keuze of het bijstellen van een idee dat in de praktijk toch anders uitpakt. Juist die momenten zorgen ervoor dat ik scherper word in mijn werk en bewuster keuzes maak.

Door trainingen te blijven volgen en nieuwe verantwoordelijkheden te krijgen, voelt ontwikkeling voor mij niet als iets wat ‘bovenop’ mijn werk komt. Het is er onderdeel van. Ik groei omdat ik betrokken ben, eigenaarschap ervaar en word uitgedaagd om verder te kijken dan mijn eigen takenlijst. Met die gedachte stap ik het nieuwe jaar in: nieuwsgierig, leergierig en met zin om te blijven ontdekken binnen Roularta.

Nadat de kranten traditiegetrouw alle mogelijke eindejaarsoverzichten uit de persen hebben gedrukt, is het op deze laatste dagen van het jaar ook even aan mij voor een terugblik. Met een tasje thee in de hand nestel ik zoals gewoonlijk onder mijn sjaal aan mijn bureau.

Als ik mijn jaar bij KW in één woord moet omschrijven, dan kies ik voor het omstreden, maar doodeerlijke ‘turbulent’. Ik startte het jaar vol energie. Op vergaderingen braken we ons hoofd over potentiële grote projecten, zochten we naar goede onderzoekdossiers om uit te werken en durfden we dromen van een mooi volgeplande en goed uitwerkte agenda. Maar zoals een welgekende Nederlander ooit zong: ‘de meeste dromen zijn bedrog’.

De realiteit draaide heel wat anders uit. Steeds dook er van alles op, waardoor ambitieuze plannen moesten wachten of opschoven. Zoals de onderbezetting op de redactie door een misverstand en een overlap van vakanties, de nieuwe opdrachten, die er dit jaar bijkwamen voor De Zondag, het in gebruik nemen van het nieuwe platform Woodwing na een maandenlange voorbereiding door adjunct-hoofdredacteur Tim Vansteelandt. We hebben geroeid met de stokken, takken en spatels, die we vonden.

Veel dingen om uit te leren. Maar toch mogen we nu ook even de tijd nemen om trots te zijn op het werk dat we dit jaar verzet hebben. Dankzij de vele inspanningen van de hele redactie haalde de website van KW in 2025 topcijfers en op sociale media bereikten we meer mensen dan ooit. Met de kleine verhalen raakten we soms nog de mensen het meest van allemaal. Zo deelde ik deze zomer de oproep van Febe uit Diksmuide, wiens ring met de as van haar overleden broer gestolen werd. Enkele dagen later werd de ring teruggevonden op straat in een plastiek zakje samen met een kopie van mijn artikel. Mijn hart liep over van vreugde voor Febe. Zo werd ik verrast over de positieve en directe impact, die ik kan hebben als journalist.

Naast mijn werk op de redactie mocht ik meehelpen aan het project ‘Young Roularta’. Het was een leerrijke ervaring waarbij ik in contact kwam met jonge mensen van op allerlei afdelingen. Een nieuwe wereld ging open en met een resultaat, dat hopelijk Roularta vooruit helpt. Bovendien mocht ik dit jaar ook voor het eerst mijn gedachten over het werkleven hier neerpennen in deze blogs.

Kortom, hoe neerslachtig ik mij soms ook voel wanneer we onze ideeën alweer niet allemaal uitgewerkt krijgen, we onszelf opnieuw voorbij spurten om de deadline te halen of wanneer het schrijven weer eens vastloopt. Toch is het een jaar waarin ik best preus mag zijn op mijn verwezenlijkingen en die van mijn team. Ik hoop dat ik 2026 kan starten met vernieuwde energie. Dat ik de ambitie mag terugvinden om in het nieuwe jaar onze zotte ideeën, essentiële onderzoeken en prachtige plannen wel te kunnen uitwerken. Mijn goede voornemen is dan ook om mijn optimisme terug te zoeken (en voldoende rust in te plannen). En met de Roularta Editorial Awards staat er hopelijk direct een portie motivatie op de planning.