Begin januari, terug op de werkvloer na een gezellige eindejaarsperiode. Nieuwjaarswensen worden uitgewisseld, net als de verhalen over wat we allemaal gegeten hebben op kerstavond of oudjaar.Maar ook dat typische zinnetje hoor je altijd maar opnieuw terugkeren: Wat is jouw goede voornemen voor dit jaar?
Mijn antwoord is altijd kort en krachtig. Niets. Ik doe daar niet aan mee. Goede voornemens worden toch meestal geen volledig jaar volgehouden, dus dat bespaart me dan ook alweer een teleurstelling. Al moet ik toegeven dat ik er dit jaar toch misschien wel eentje heb.

Waar de Oempa Loempa’s in mijn eerste blog me deden denken aan mijn eerste keer in de drukkerij, zorgde deze maand een andere Oempa Loempa voor een bron aan inspiratie voor een nieuw boek. We keken naar de film Wonka, de prequel van Sjakie en de chocoladefabriek, in de bioscoop en het magische, onbezonnen verhaal deed me ook nu weer kippenvel krijgen. Wat moet het leuk zijn om zo’n verhalen te bedenken, zonder beperkingen. Waar alles kan en alles mag.
Als leerling in het vijfde leerjaar schreef ik mijn eerste verhaal. Iets over een oerwoud waarin vreemde dingen gebeurden. Het verhaal is nog nooit afgeraakt en als ik het nu opnieuw lees, is het uiteraard heel kinderlijk geschreven.
Hoewel ik dat verhaal graag wat ‘volwassener’ had herschreven, werd mijn eerste boek dat ik ooit voltooide geen avonturenverhaal, maar een thriller.
Drie thrillers later, voel ik het toch weer kriebelen om me te wagen aan een fantasievoller verhaal. Meer in de vorm van een jeugdboek.
De eerste pennenkrabbels zijn gezet en daarmee ben ik dan ook begonnen aan mijn goede voornemen van dit jaar: een vierde boek voltooien.

2024 belooft ook een spannend jaar te worden. Dit jaar is het al tien jaar dat ik offertes maak in hetzelfde erp-systeem. Iets waarin je blindelings je weg vindt en waarin alles vanzelfsprekend lijkt. Nu wordt er plaats gemaakt voor een totaal nieuw systeem. Het lijkt een beetje alsof we opnieuw van nul moeten beginnen.
Voor heel wat mensen zal dit een grote aanpassing zijn. Maar eens we het onder de knie hebben, zal alles weer vanzelfsprekend lijken. Een uitdaging waarbij we als collega’s als team zullen in slagen.

Wat de rest van 2024 voor ons in petto heeft, is nog een grote verrassing, maar laten we er vooral een magisch jaar van maken waarin al onze dromen mogen uitkomen.

Sinds januari ben ik begonnen aan een nieuw hoofdstuk in het Young Mediaholic Program en maak ik deel uit van het team Product Management en Data. Spoiler alert: ik ben verantwoordelijk voor een ongelofelijk interessant project en werk samen met ervaren mensen die me op dagelijkse basis veel bijleren. Dit gezegd zijnde, vind ik het belangrijk om eerlijk te zijn met jullie, dus laat me jullie even vertellen hoe de afgelopen vijf weken zijn verlopen voor mij.

Wisselen van team is niet vanzelfsprekend, of dat was het toch voor mij niet. Ik had mezelf er misschien ook niet voldoende mentaal op voorbereid, maar ik ging er initieel vanuit dat de overgang soepel zou verlopen. Mijn eerste twee dagen op het werk voelde ik me eenzaam, alsof ik zweefde tussen twee teams. Ik kende namelijk nog niemand in mijn nieuw team en ik voelde me ook geen deel meer van mijn vorig team. Ik ervaarde terug alle emoties die ik voelde tijdens mijn eerste dagen bij Roularta: onzekerheid, eenzaamheid, stress en prestatiedruk. Maar deze emoties waren eigenlijk niet terecht. Ik was niet eenzaam, allesbehalve zelfs.

Kim, Leonie, Jürgen, Marc en tal van andere collega’s zoals Kevin en Annelies ontvingen me met open armen. Dat is eigenlijk zelfs een beetje een understatement. Iedereen was héél blij dat ik er was: een nieuwe collega die haar volledige aandacht kan smijten op het herabonnering- en winback-project van Knack en Libelle. Iedereen nam hun tijd om met mij samen te zitten, kennis te maken en mij wegwijs te maken binnen het project en de afdeling. Ook had ik geen reden om onzeker te zijn, want ik word zo goed begeleid en opgevolgd in mijn nieuw project dat falen amper voelt als een mogelijkheid. Hiervoor zet ik graag even mijn meters, Kim Vansteenkiste en Leonie Bakker, in de spotlight. Iemand dat ook niet vergeten mag worden, is Veerle Hofman. Zij is namelijk de enige constante doorheen mijn traject. Dat ze mijn rots in de branding is bij Roularta, lijkt me een correcte verwoording. Ze vangt me op als ik het nodig heb, ze leest mijn emoties sneller dan dat ik besef wat er gaande is en haar advies motiveert me elke keer opnieuw.

Ik heb het hierboven al even vermeld tussen de soep en de patatten, maar ik ben verantwoordelijk voor het herabonnering- en winback-project van Knack en Libelle. Dit houdt in dat ik ervoor zorg dat de abonnees die de keuze maken om hun abonnement niet te verlengen of te vernieuwen, dit wel doen. Een boeiend project dat begon met onderzoek, de nodige programma’s leren kennen, het verschil begrijpen tussen herabonnering en winback, en het in kaart brengen van onze huidige aanpak. Ondertussen heb ik een plan van aanpak uitgewerkt dat momenteel under review is bij mijn collega’s en ben ik bezig met het uitschrijven van content om te gebruiken tijdens dit project. Later vandaag zit ik samen met de subscription marketeer van de Washington Post, om hun strategie beter te begrijpen. Zij hebben namelijk ook recent een project rond winback uitgevoerd en hadden erg positieve resultaten. Eerlijk, hoe cool is dat?

Er zijn nog zoveel interessante zaken in verband met mijn project dat ik jullie zou willen vertellen, maar ik ga deze blog toch ergens moeten afsluiten. Ik voel me trots om te werken aan zo’n belangrijk project en ben dankbaar voor mijn collega’s en de opportuniteit die ik gekregen heb. Laat me gerust iets weten als je meer wilt weten over dit project, of spreek me eens aan in de gang, want ik vertel je er met veel plezier over.

Ondanks alle kommer en kwel die zich het voorbije jaar op het wereldtoneel afspeelde, waarbij ik nog altijd niet begrijp hoe het in gods- of andere naam mogelijk is wat mensen elkaar aandoen, waren er ook lichtpuntjes. Soms zijn ze voorbij nog voor je er bij stilstaat. Op andere momenten blijven ze een tijd in je hoofd hangen. Zo kreeg ik het spontaan warm van het woord koesterhuis, dat ik nooit eerder hoorde. Met dat initiatief wil het Berrefonds een plek bieden waar de ruime kring rond een overleden kind terechtkan voor troost, inspiratie, een luisterend oor, menselijke warmte of stilte.

De koesterkoffer kende ik al, om herinneringen te bewaren aan iemand die er niet meer is. Het kunnen spullen zijn die na iemands overlijden dat speciale plekje krijgen of iets wat iemand, al dan niet zwaar ziek, wil nalaten voor dierbaren. Het doet me wat denken aan die grote bananendozen op onze zolder, vol spullen van lang vervlogen tijden. Een aantal jaren geleden heb ik grote schoonmaak gehouden en dat werd een tocht doorheen heel wat herinneringen, die zowel mijn mondhoeken omhoog deden krullen als zilt vocht aan mijn ogen ontlokten. Als je tijd hebt, duik dan maar even mee: Kennisrecyclage.

Soms ontmoet je plots mensen die bijvoorbeeld bijna 40 jaar geleden mee voor items in jouw doos of koffer gezorgd hebben. Zo liep ik recent tijdens een uitvaardienst een jeugdtrainer en ploegverantwoordelijke tegen het lijf. Fijn om respect te tonen voor de persoon die we samen gekend hebben, kort van gedachten te wisselen rond wat me onder hun sportieve vleugels als 14- tot 16-jarige dreef en met elkaar te delen welk parcours we de voorbije decennia afgelegd hebben. Ik weet niet waarom, maar het beeld van een ketting komt in me op, met parels die aan elkaar geregen zijn. Afgewisseld met soms irriterende zandkorrels waarvan er nu en dan eentje, zoals de parabel het wil, als met de gave van een oester in zo’n kostbaar bolletje omgezet wordt. Zo verdient zelfs kommer gekoesterd te worden. Zeker wanneer persoonlijke kwel je na een stevige queeste naar je kwaliteiten leidt.

“De menselijke ziel is nu eenmaal zo ingesteld, dat eerder de schijn dan de werkelijkheid haar imponeert.” (Erasmus)

Die kwaliteiten verdienen een plekje in de koesterkamers van je hart, terwijl het bewuste besef ervan zich een stukje hoger tussen je oren mag nestelen. En wanneer er geen ruis op de vertrouwensrelatie tussen beide zit, kan je in alle authenticiteit door je biotoop glijden. Wanneer er storingen optreden, is het tijd voor een blik in de spiegel en de zelfreflectie of je bent en doet wie je ziet.  In alle mildheid. Kijk ook eens naar je context, naar wie er mee in jouw persoonlijke of professionele tuin glijdt. Waar voel je ruis? En vooral: vind je de wijsheid om te beseffen wat je wil of kan veranderen?

Mensen kan je niet veranderen, hoogstens proberen om hun perceptie bij te sturen wanneer je voelt dat ze niet de persoon zien die jij in de spiegel ontmoet. Laat het los wanneer het niet lukt of wanneer je ter wille van de context of anderen in een huid ‘moet’ kruipen die niet de jouwe is. En overweeg je opties waar en met wie je kunt doen wie je bent. Want je authenticiteit verdient een nest in alle koesterplekjes. Zorg dat je jezelf daar altijd her-innert.

wie
ik ben
is
wat je ziet

als
je niet komt
zoals je bent
kom je beter niet

Ik wens je een authentiek 2024, waarin je nieuwe herinneringen niet uitstelt, zodat ze voor warmte in je koesterkamers zorgen, lang voordat ze in de koesterkoffer van jezelf of je dierbaren terechtkomen.

Na maanden van analyse, ontwikkeling en testen, was het eindelijk zover. In de vroege ochtend van 9 mei stapten we met ons registratiesysteem over naar een nieuwe provider: we ruilden Janrain/Akamai in voor OneWelcome (= Thales Group).

En vroeg was in dit geval echt wel vroeg. Of zo voelde het toch aan voor ons. Na slechts enkele uurtjes slaap, of bij sommigen zelfs geen slaap, verzamelden we om 2u ’s nachts bij onze bureaus in de IT-afdeling. De nodige hoeveelheid koffie zorgde ervoor dat we deze speciale werkdag konden starten. Die eerste uren hadden iets bijzonders: de donkerte van de nacht, enkel het licht dat in onze afdeling brandde, de stilte op de bureaus en in de gangen. Alleen het getokkel op de toetsenborden was hoorbaar.

We hadden allen wel een portie gezonde stress: aangezien ons registratiesysteem verweven zit in heel wat van onze interne systemen en toepassingen (denk maar aan de redactionele websites, de Mijn Magazines-app en website, de e-commerceplatformen, enz.) was het spannend afwachten of alles wel goed zou verlopen. Al snel doken dan ook tijdens de eerste uren en dagen de belangrijkste bugs en pijnpunten op. Wat kon, losten we zo snel mogelijk intern of met behulp van OneWelcome op. Andere zaken werden verder opgepikt in de hypercare-periode. Deze nam jammer genoeg meer tijd in beslag dan initieel verwacht, maar ondertussen zijn we op het punt gekomen dat het registratiesysteem terug stabiel is.

En zo’n lange werknacht? Die willen we zeker nog eens overdoen voor de overstap van de Nederlandse titels van Baarn en Amsterdam naar OneWelcome!

(de; m/v/x; meervoud: collega’s, collegae; verkleinwoord: collegaatje)
iem. die werkt in hetzelfde beroep, in hetzelfde bedrijf

Wat gaat de tijd snel!
Als ik terugkijk naar de voorbije zomermaanden, lijken die wel in een vingerknip voorbijgevlogen.
De perfecte afsluiter, het Roularta Summer Festival, was echt een schot in de roos! Onder een stralende zon genieten van muziek met een hapje en drankje erbij, zalig toch?
En niet getreurd, ook de gezelligste periode van het jaar komt er weer aan!
Met een dekentje knus voor de televisie nestelen of nog beter, een boek lezen in de zetel met een warm kopje thee erbij terwijl buiten de bladeren van de bomen gerukt worden tijdens een of andere herfststorm.
Op en top cliché! Want met jonge kindjes in huis, lijkt dat wel een utopie. Buiten spelen zit er niet altijd meer in, dus wordt de woonkamer soms omgebouwd tot een ware jungle waarin je een heel parcours moet afleggen om van de inkom naar de keuken te stappen. Of zeg maar, te springen.

Het verschil met de werksfeer is groot. Waar het soms chaotisch en luidruchtig is thuis, straalt ons bureau op het werk toch meer rust uit.
Ook al is het druk en vliegen de prijsaanvragen ons om de oren, toch is er geen chaos.
Volgens mij dragen al die topcollega’s daar aan bij.
We springen bij waar nodig en staan altijd klaar voor elkaar. Een luisterend oor of een praatje over koetjes en kalfjes. Een lach, een traan. Het kan hier allemaal.
En dat is wel nodig, want we spenderen veel tijd met elkaar op de werkvloer.
We worden een beetje een tweede familie van elkaar.
En daarom een welgemeende dankjewel aan al die topcollega’s!
Zonder jullie zou iedere offerte die ik maakte wat saaier geweest zijn, zou iedere verjaardag geruisloos gepasseerd zijn en eigenlijk zou er zoveel niet mogelijk geweest zijn!
Toegegeven, sommige van die collega’s zijn zelfs al een echte inspiratiebron geweest voor de verhalen die ik schreef. Een naam, een anekdote, een uitspraak… Benieuwd of ze het er zelf kunnen uit halen!
Laten we die omschrijving in dat bekende woordenboek dan ook maar snel aanpassen naar: ‘collega: soort familielid dat werkt in hetzelfde bedrijf, betrouwbaar, behulpzaam en vrolijk’.

Wat als je de kans kreeg om van team te wisselen? Zou jij het durven? Binnenkort neem ik afscheid van team Digital en sluit ik me aan bij het BeNe-team (Product Management en Data). Ik ben erg enthousiast en kijk uit naar het volgende avontuur, dat hand in hand komt met nieuwe kansen en uitdagingen, maar ik kan bijna niet geloven dat mijn tijd bij Roularta Digital er al op zit. De afgelopen vier maanden lijken voorbij gevlogen. Terwijl ik dit aan het typen ben, kan ik ook niet anders dan geëmotioneerd terugdenken aan enkele hoogtepunten die ik bij team Digital heb beleefd.

Zo denk ik bijvoorbeeld terug aan de verschillende leadcampagnes waarvoor ik verantwoordelijk was. Degenen die mijn eerste blog hebben gelezen, weten waarover ik het heb, maar voor degenen die hem niet gelezen hebben; het doel van deze campagnes was om in contact te komen met potentiële klanten en hen te overhalen om beroep te doen op onze diensten. In totaal heb ik zo’n drie campagnes opgevolgd en meer dan 150 leads opgebeld. De mensen die me kennen, weten dat ik een sociaal beestje ben, dus het zal jullie ook niet verbazen dat ik dit met plezier deed. De energie die ik kreeg telkens dat ik een afspraak vastlegde, is onbeschrijfelijk!

Hiernaast was ik de afgelopen maanden de rechterhand van onze Accountmanager, Joppe. Zowel bij het contacteren van – mogelijke – leads als bij het maken van de klantenpresentaties. Bij dit laatste genoot ik vooral van het analytische en strategische aspect: het analyseren van data en deze vertalen naar tactische inzichten waar Joppe op kan inspelen tijdens zijn presentatie bij de klant. Ook haalde ik plezier uit het creatieve aspect dat gepaard ging met de klantenpresentaties. Het spelen met kleuren, teksten, afbeeldingen en andere aspecten gaf me de kans om mijn creativiteit te laten stromen.

Een van de meest interessante facetten in mijn rol was het campagnemanagement: het creëren en optimaliseren van campagnes, voornamelijk binnen de uitgestrekte werelden van Google en Meta. Het verzorgen van deze campagnes gaf me de kans om mijn analytische, strategische en creatieve vaardigheden verder te ontwikkelen. Een win-win-win dus!

En last, but absolutely not least, een mega shout-out naar het geweldige team van Roularta Digital: bedankt om mij op te leiden, voor de gezellige dagen op kantoor, de eindeloze positieve vibes en alles daartussenin. Dat ik met mijn gat in de boter ben gevallen, lijkt me een understatement. Jullie zijn het absolute hoogtepunt van de afgelopen paar maanden!

Deze week vier ik officieel mijn achtste werkweek bij Roularta. Het wordt steeds duidelijker voor mij dat mijn werk alsmaar meer deel uitmaakt van mijn identiteit. Een interessant gegeven, want als ik eerlijk ben, lijk ik over weinig anders te kunnen vertellen wanneer ik met vrienden en familie afspreek, behalve mijn werk. Wellicht is dit voor velen van jullie geen verrassing, en misschien had ik dat zelf ook wel kunnen zien aankomen, maar toch overviel de realiteit me enigszins onverwacht. Daarom gaat deze blog wat dieper in op de dagen dat we niet werken.

Voordat  ik begon met werken, werd ik zo’n 300 keer gewaarschuwd dat mijn eerste jaar zonder vakantie zou zijn, en dat ik écht moest genieten van mijn vrije dagen. Deze overvloed aan waarschuwingen bleek (deels) ongegrond, want tot mijn grote verbazing ontdekte ik dat ik wel degelijk recht had op vakantiedagen in mijn eerste jaar on the job. Zo had ik welgeteld 19 uur en 6 minuten vakantie (wat omgerekend zo’n twee à drie dagen is). Het valt je misschien op dat ik de vorige zin in verleden tijd heb geschreven, maar er blijft dan ook welgeteld niets meer over van die 19 uur en 6 minuten

Ik heb mijn enige uren verlof namelijk gespendeerd aan twee belangrijke dingen: mijn proclamatie en mijn tweelingzus. Het verbaast je misschien dat ik verlof heb moeten opnemen voor mijn proclamatie, want welke proclamatie gaat door op een maandagmiddag? Zoals je waarschijnlijk al merkt aan mijn toon, was ik niet zo enthousiast om hier mijn verlof voor op te geven en ik was initieel zelfs van plan om niet te gaan. Mijn lieve mama had hier echter een andere mening over, en vond mijn aanwezigheid – terecht – vanzelfsprekend. Ik had niet veel verwachtingen, maar achteraf gezien ben ik blij dat ik ben geweest. Ik had een gezellige dag met familie en het voelt alsof het hoofdstuk ‘studeren’ nu officieel gedaan is. In onderstaande foto is mijn blijdschap wel duidelijk, denk ik:

Mijn overige verlofuren besteed ik – met enorm veel plezier – aan mijn tweelingzus die sinds augustus in Zweden verblijft. Ze woont momenteel in Tjärnö, een (schier)eiland in Zweden, waar ze de komende maanden twee specifieke vliegsoorten, Coelopa Frigida en Coelopa Pilipes, bestudeert. Voordat ze vertrok, had ik me mentaal goed voorbereid op het feit dat zowel het afscheid als het gemis zwaar zouden vallen. Na twee maanden kan ik jullie vertellen dat geen enkele voorbereiding voldoende zou zijn geweest. Ik had niet verwacht dat het zo intens zou zijn, vooral omdat ik zelf al een jaar in Barcelona heb gestudeerd en we eigenlijk al zo’n vijf jaar niet meer samen wonen. Behalve in de weekends, het semester dat we samen op kot zaten en de dagen dat we toevallig beiden in ons ouderlijk huis belandde. Maar niet getreurd, want binnen acht dagen staat er een tripje naar Zweden op de planning en I can’t wait!

Tot zover mijn derde blog, nu ga ik nog wat werken zodat ik dit weekend iets te vertellen heb

80.000 uren of – omgerekend – zo’n 9 jaar: dat is gemiddeld de tijd die je in je leven met je collega’s doorbrengt. Althans, dat berekende het Nederlandse reclamebureau Everybody Likes Penguins. “Je brengt zoveel tijd door met je collega’s, soms wel acht uur per dag, en voor veel mensen is dat meer dan dat ze hun eigen partner zien”, aldus nog Hugo van de Hurk van het bewuste bureau.

Die uitspraak zette me aan het denken. Feit is: we brengen niet alleen ontzettend veel tijd met onze collega’s door, maar we creëren hierdoor ook een speciale band. En die band gaat zoveel verder dan enkel werkgerelateerde dingen. Collega’s steunen, helpen, bieden een luisterend oor wanneer het nodig is of laten je stoom afblazen als het net even té druk is. Tenminste, als die spreekwoordelijke klik er is…

Hoeveel uren zou ik intussen al met collega’s doorgebracht hebben? Onnoemlijk veel, besef ik nu. Een goede 36 jaar geleden kwam ik als groentje tussen een aantal ‘anciens’ op een Brusselse redactie terecht, en na omzwervingen op verschillende redacties, custom publishing en content advertising ben ik intussen zélf een ancien. Hoe snel is dat wel niet gegaan? Wat de mediasector zo boeiend maakt, is dat je eigenlijk altijd met gepassioneerde en bevlogen mensen mag samenwerken. Met gelijkgestemde zielen of net totaal tegengestelde karakters. Meestal zit je in een prettig gestoorde bende, die elkaar stimuleert, inspireert en aanvult. Door de jaren heen ontwikkelde ik skills, kreeg ik nieuwe inzichten of probeerde ik dingen meer te relativeren dankzij mijn collega’s. En dat tot op de dag van vandaag! Met een aantal collega’s heb ik een hechte band opgebouwd, sommigen reken ik zelfs tot mijn beste vrienden. Eén keer ging het echter helemaal mis: ik kwam in een team terecht waarin ik me onbegrepen en niet thuis voelde, en daar werd ik heel ongelukkig van. Zelf weggaan was toen de enige en juiste optie.

Alles wel beschouwd is ergens starten als nieuwkomer telkens weer een vorm van ‘Blind gematcht’. Je komt als een soort onbekende factor in een team terecht met collega’s die mekaar al langer kennen, en daar moet je dan een ‘relationship’ mee opbouwen. Soms is de match er meteen, soms heb je wat meer tijd nodig om die connectie te maken.

Natuurlijk nemen werkgevers initiatieven om de verbinding tussen collega’s en teams te bevorderen. Zo ook Roularta. En die initiatieven kunnen de meest uiteenlopende vormen aannemen: een swingend roaring twenties feest, het Insight magazine met het reilen en zeilen van ons bedrijf, de coaching sessies van onze training- en coaching development manager Veerle Hofman of een zomerdrink in de tuin van Evere, bijvoorbeeld. Bij de regie gingen we in september richting Nieuwpoort voor een tweedaags seminarie, een combinatie van business en pleasure. Vooraf hadden we huiswerk gekregen: we werden in ploegen verdeeld en elke ploeg moest een pitch voorbereiden op basis van een briefing. In Nieuwpoort mocht elke ploeg het resultaat van dat collectieve denkwerk presenteren. Dat was echt een superfijne manier om creatief na te denken met collega’s waar je soms wat minder contact mee hebt. Tijdens de quiz en een zoektocht met go-karts ontdekte ik dan weer nieuwe facetten van bepaalde collega’s. Wat weet Mark veel over aardrijkskunde! En hoe competitief is Eva wel niet?

Blind gematcht of niet: als de connectie er eenmaal is, wordt de communicatie beter, groeit het vertrouwen en ga je meer voor en met elkaar werken. Waar is Tom goed in, wat is echt het ding van Dirk en welk project kan niet zonder Veerle? Dat kom je enkel te weten als je verbinding hebt met elkaar! Fijne bijkomstigheid: het maakt je niet alleen productiever, maar geeft je ook meer plezier in het werk. Let’s connect!

Ze liggen voor het rapen. Kleine momentjes die je even doen stilstaan, glimlachen, een gedachte of een gevoel ontlokken. Korte bloemlezing van wat de voorbije zomermaanden op mijn pad kwam, in twintig kiekjes. Met een paar woorden. Meer is niet nodig…

Een mooi mindful alternatief voor de quote “Le mieux est l’ennemi du bien” (Het beste is de vijand van het goede), toegeschreven aan Voltaire, die zich op Montesquieu geïnspireerd zou hebben.

Heerlijk wandelen in een gebied waar je meer dieren dan mensen hoort. Want dieren kunnen niet lezen. Een stiltecocon zou hier niet misstaan.

Klimplantje met hartvormige blaadjes omarmt brandnetel en bloeit. Groeien ondanks prikjes onderweg…

Priori-tijd… Een eenvoudige en heerlijke afwezigheidsboodschap in mooi handschrift.

Je wijkt al eens (on)gewild van je geplande pad af. Dat zorgt voor kopzorgen maar opent ook deuren naar wat je misschien onmogelijk achtte.

Een mooie mat om even bij stil te staan vooraleer je de deur uitgaat of gasten uitlaat. Zelfzorg, het blijft een vorm van anderenzorg.

Vriendelijkheid is fairtrade, biologisch, duurzaam, ecologisch en recycleerbaar van mens op mens. Want emoties zijn besmettelijk, ook de positieve.

Er komt onderweg wel eens wat gevelkunst je gezichtsveld ingegleden.

Deze konden we niet laten staan. De voelsprieten niet omhoog, wel wat omlaag, als een mama- of papaslak die over de kleintjes waakt.

En dan hangt dit naast de deur van je hotelkamer.

De verdieping toch eens doorgewandeld om te zien of er nog wat wijsheid hing.

De kracht van perceptie. Wat voor de hel kan, moet ook voor een leuker gevoel of een betere plek werken.

Willekeurig doorheen straatjes slenteren. Moeilijk om 3D op beeld vast te leggen en de textuur te laten voelen. Het leek alsof ik even een stukje van onze cocon aanraakte.

Ben duidelijk niet de enige die graag door wijngaarden stapt. Hallo kameraad!

Tja… Follow your heart. Vind ik ze of ont-moeten zij mij?

De wereld neemt afscheid van Sinéad O’Connor nadat zij die wereld vaarwel zei. Ze raakte mij al met haar eerste rebelse nummers en een krachtige kwetsbaarheid die altijd haar deel bleef op het hobbelige pad dat ze bewandelde, waarop ze meermaals uitgleed en weer opstond. Lees hier meer.

Wat ben je met een horloge als je toch nooit tijd hebt?

Humor kan soms zo simpel zijn. Op sociale media zouden we dat tegenwoordig clickbait noemen.

Weten (of perceptie) als verlammende belemmering.

En om af te sluiten: het zal wel toeval zijn dat ik telkens net op die plek passeerde of dat mijn blik afdwaalde. Het zal wel…
Ik hoop dat je een fijne vakantie had. Vergeet niet om ook tussendoor je batterijen op te laden.

Terwijl ik dit schrijf, moet ik me inhouden om niet naar Roeselare te bellen. “Stop de persen!”, zou ik door de telefoon toeteren. Ik schreef namelijk een column voor Libelle Lekker die 22 juni in de winkel ligt, met daarin dat groenten en fruit dit seizoen later rijp zouden zijn dan andere jaren. Ik had me daarvoor gebaseerd op de weerscondities van dat moment: nat en koud. Een voorspelling die ik bevestigd zag op het veld van mijn ouders, hoorde bij verschillende boeren en las in meerdere nieuwsbrieven die ik volg. Het werd een klaagzang over de lente die maanden lang lag te snoozen als een tiener op zondagochtend.

Wat we toen niet konden weten was dat er na het schrijven 4 weken van onafgebroken zon en tropische temperaturen in het verschiet lagen, die ervoor zorgden dat alles in recordtempo zou groeien. Meer nog: niemand, mezelf incluis, kan zich nog voorstellen hoe grijs het voorjaar was. De column mist aan relevantie. En ik kan mezelf wel voor het hoofd slaan. Het is de eerste keer dat ik me aan een voorspelling waag, en wellicht ook de laatste.

“Is dat dan nodig, zo ver vooruit werken?” De reden daarvoor is dat er na mijn bijdrage nog een heel team van eindredacteurs en vormgevers aan te pas komt, en drukkers. Elke pagina is teamwork. Dat maakt het ook zo mooi: om die 2000 tekens die ik via mijn computer ingeef te zien transformeren tot een aantrekkelijk stukje met wervende kop en leuke plaatjes.

Sowieso zijn we zijn bij Libelle kampioen in ver vooruit plannen. In mei brainstormen voor kerstmis? Wij kunnen dat. Soms wordt er over gezucht, als we ons bij 25 graden moeten inbeelden wat we willen eten aan de kersttafel bijvoorbeeld. Al bekende een collega dat ze heel de ‘voorpret’ en aanloop ernaar toe leuker vindt dan kerst zelf, dus dan zit je op onze redactie helemaal goed. We weten intussen ook dat het zijn vruchten afwerpt. De redactionele planning is maar een klein schakeltje in het volledige Libelle-verhaal, er is nog de marketingmachine die ermee aan de slag gaat, en de salesafdeling die er zijn magie op loslaat.

En het moet gezegd: stylisten en fotografen die voor verschillende opdrachtgevers werken zijn altijd lovend over onze planning. Dat krijg je dus als je op tijd begint met ideeën uitwerken: je kan tijdig briefings sturen en mooie producties oogsten.

De drukpers voor deze column een halt toeroepen zal vrees ik niet lukken. Ik trek me op aan het feit dat onze kerstnummers weer toppers beloven te worden. Alleen maar hopen dat we tegen kerst niet plots een hittegolf krijgen, want dan is het hek pas helemaal van de dam.